De thermische prestatie van een beglazing wordt gemeten aan de hand de warmtetransmissiecoëficient Ug, uitgedrukt in W/m² K
Deze waarde weerspiegelt de hoeveelheid warmte die door de beglazing ontsnapt. Hoe lager deze waarde, hoe beter de isolatie, en hoe minder men hoeft te stoken om de temperatuur op peil te houden.

Als het buiten 0° is en binnen 20° dan heeft de binnenkant van het glas de volgende temperatuur:
enkel glas: 5,6°
dubbel glas: 12,8°
dubbel glas u=1.1: 17,3°
dubbel glas u=1.0: 17,6° 
driedubbel glas u=0,6: 18,5°